vrijdag 23 september 2005

Per Olov Enquist - De vijfde winter van de magnetiseur



Moeilijk om wat over dit boek te vertellen, merk ik. Het is zo'n raar maar ook intrigerend boek...

Het verhaal
De 18e eeuwse magnetiseur Friedrich Meisner leeft zijn leven op een cyclische manier: hij komt ergens aan in een nieuwe plaats, start terwijl hij gedoogd wordt door de reguliere medici een kleine praktijk, weet een wondertje te verrichten, wordt groot en belangrijk, laadt zich de afgunst maar soms ook bewondering van de stadsdokters op zijn hals, wordt overmoedig en komt ten val.

We maken een zo'n cyclus mee. Bijzonder hierbij is de manier waarop, namelijk vanuit twee perspectieven: de magenetisur zelf en de arts wiens dochter door Meisner van haar blindheid genezen wordt en die dan vrijwillig de medische 'toezichthouder' tijdens Meisners sessies wordt. Wordt hem zand in de ogen gestrooid, kan hij nog wel objectief blijven (zo zijn de beschuldigingen van de andere artsen in de stad) of is Meisner inderdaad een wonderdoener?

Eigenlijk is het een naargeestig boek met veel kaarslicht, oplichterij, hoop die telkens de grond in geboord wordt, maar toch: je wordt meegesleept en al zie je dat het een charlatan is, sommige 'wonderen' lijken wel echt.

Ik heb het bezoek van de lijfarts nooit gelezen, maar dat schijnt qua sfeer wel overeenkomstigheden te hebben...

woensdag 21 september 2005

DBC Pierre - Vernon God Little



Afgelopen week las ik Vernon God Little van DBC Pierre. Wat een indrukwekkend boek: spannend, schrijnend en hilarisch tegelijk.

Het verhaal: de ik persoon, de 15-jarige Vernon Gregory Little, ontsnapt door 'de roeping der natuur' aan de gruweldaad waarbij zijn vriend Jesus al zijn klasgenoten om het leven brengt. De dorpsgenoten zoeken iemand om hun onbegrip, verdriet en woede op af te reageren en vinden in Vernon een gemakkelijke prooi. Hij was immers de vriend van Jesus? Ze worden hierbij flink aangemoedigd door de paperazzi-journalist Eulalio (Lally) Ledesma, die in Vernon een ideale mogelijkheid ontwaart om zichzelf goed op de kaart te zetten. Vernon kan de spanning niet verdragen en vlucht naar Mexico. Tijdens de klopjacht die volgt verwerft hij nationale faam. De rest vertel ik lekker niet :-)

Waarom vond ik het spannend: je weet aan het begin dat Vernon onschuldig is, maar lukt het hem ook anderen daarvan te overtuigen? Durft hij zijn gene over zijn darmproblemen in de strijd te gooien om zich het leven te redden?

Schrijnend is het boek omdat de grote woorden 'innocent until proven guilty' in de dorpsgemeenschap duidelijk niet opgaan. Zelfs zijn moeder gelooft niet dat hij er niets mee te maken heeft gehad en werpt zich in plaats van het vechten voor haar zoon liever aan de voeten van Lally (die de diverse dames in het dorp alleen maar het hof maakt om aan informatie te komen). Schrijnend ook dat zij niet komt als Vernon terecht moet staan want 'misschien wordt de nieuwe koelkast vandaag wel geleverd'. En de acceptatie van die reden als heel gewoon door iedereen in het dorp, inclusief Vernon zelf.

Hilarische momenten zijn er ook genoeg, bijvoorbeeld dat bijna iedereen in het dorp Gurie heet, het is echt zo'n incestdorp dus. Ook de manier waarop op een 'Big Brother'-achtige manier het publiek mag kiezen welke terdoodveroordeelde die dag het loodje moet gaan leggen is zo grappig bechreven dat het het gruwelijke van de gedachte omzet in een hardop lachen. En de manier waarop Vernon telkens zijn tweede naam gebruikt om zijn toestand te beschrijven: Vernon Godzilla Little, Vernon Gonzalez Little (in Mexico) etc. is ook erg humoristisch.

Herkenbaar als je wel eens naar van die Amerikaanse programma's over gevangenissen kijkt is de verandering die Vernon doormaakt in de bak: van f..kin' dit en f..kin' dat (het staat voluit in het boek maar Elsje blijft een netjes meisje) naar zich bij alles wat hij zegt afvragen of het niet te grof verwoord is.

Het einde vond ik jammer, dat zal ik meer over vertellen onder een

V

E

R

K

L

A

P

P

E

R

Waarom eindigt het nou niet bij de 'dromen' van Vernon als hij op de tafel ligt, wachtend op de dodelijke injectie van waar men allemaal achter zal komen? Waarom is dat ineens echt en komt hij vrij? En hoe moet het in godsnaam verder met hem en zijn moeder en dat hele dorp??

maandag 19 september 2005

Julia Voznesenskaja - De vrouwendecamerone



Al lang stond op mijn te herlezen lijstje de Vrouwendecamerone van Julia Voznesenskaja. En toen er een paar maanden geleden bij de boekgrrls enthousiast over de 'echte' decamerone werd gemaild, voegde ik de daad bij het woord en herlas het. Stukje bij beetje want het is een heftig boek.

Het beschrijft een kraamafdeling in een Russisch ziekenhuis van halverwege de jaren '80, de Sovietunie was toen nog een. Doordat er een of ander probleem is (dat wordt niet duidelijk) moeten 10 totaal verschillende vrouwen 10 dagen lang in quarantaine. Om de tijd te doden vertellen ze elkaar elke dag verhalen rondom een bepaald thema, zoals 'de eerste liefde', 'gemene loeders', 'wraak' en 'geluk'. Omdat de vrouwen allemaal een totaal andere achtergrond hebben (van politiek ge-engageerd tot juist niet, van zwerfster tot kunstenares) geeft het boek je een mooi kijkje in de keuken van het leven van _de_ Russische vrouw.

De verhalen zijn over het algemeen vreselijk schrijnend maar worden zo 'matter of fact' achtig gebracht dat het nergens zeurderig of over de top wordt. Over de verhalen zelf ga ik verder niets schrijven, want ze zijn maar kort (10 keer 10 verhalen in een boekje van maar 428 blz (Rainbowpocket, 1986).

Elk verhaal begint met een klein inleidinkje, dat vaak grappig is en meestal nodig (om de verschillende vrouwen uit elkaar te kunnen houden).

Het was het herlezen absoluut waard!!

maandag 12 september 2005

Andres Trapiello - De vrienden van de perfecte misdaad



Het verhaal
Een vriendenclub komt wekelijks bijeen in de kroeg. De liefde voor misdaadromans is wat hen bindt. De club heet dan ook 'VPM' oftewel 'vrienden van de perfecte misdaad'. Elk van hen draagt als bijnaam de naam van een schrijver van misdaadromans (zoals Poe) of een beroemd personage uit een misdaadroman (zoals Miss Marple). Doel van de club is te komen tot een set regels voor de perfecte misdaadroman. Door veel te lezen en boeken samen te analyseren komen ze een heel eind. Maar ook krantenknipsels over moorden behoren tot het hersenvoer van de leden.

Het belangrijkste lid van de club is Paco Cortes oftewel Sam Spade. Hij is zelf auteur van middelmatige misdaadromannetjes (van het soort dat je supergoedkoop op stations koopt), die hij onder een stuk of wat buitelands klinkende pseudoniemen schrijft. Paco is gescheiden en obsessief bezig met het terugkrijgen van zijn vrouw Dora. Zij is er niet van onder de indruk want bij elk boek hoort veldwerk waarbij Paco haar aan de lopende band besodemieterde.

Op een dag krijgt Paco/Sam het aan de stok met zijn uitgeverij (Dulcinea!) en besluit met schrijven te stoppen en in plaats daarvan een detectivebureau te beginnen. Hierbij rekent hij op de hulp van zijn VPM-vrienden. Helaas voor hem vindt er dan een moord plaats waarbij de verdenking al snel op de VPM-leden valt. Aangezien deze moord plaatsvindt vlak na de mislukte couppoging van 23 februari 1981, wordt het dan, met het Franco-tijdperk nog vers in het geheugen, ieder voor zich. De club valt als gevolg hiervan uiteen en daarmee ook het plan van Paco/Sam.

Toch laat de moord hem niet met rust en hij blijft speuren naar de ware toedracht. De vermoorde was al lange tijd een bijzonder onaangenaam persoon, dus wat te doen als hij achter de identiteit van de moordenaar komt? Ondanks dat veel Spanjaarden het Franco-tijdperk achter zich willen laten, blijkt ook nu juist daarin de sleutel te liggen.

Een echt vakantieboek. Het verhaal is lekker vlot geschreven, al hapert het aan het eind wel een beetje (er zit wel erg lang tussen de moord en de oplossing). En de verschillende leden van de VPM blijven alleen wel erg onuitgewerkt. Nou is dat niet zo erg, het is tenslotte een misdaadroman, waarbij het dus om de misdaad en de oplossing daarvan draait (aldus een van de regels uit het boek) maar jammer vond ik het wel. Er komen namelijk zoveel personages in voor, die ook nog eens allemaal een bijnaam hebben (volgens de blurb zelf een 'toepasselijke bijnaam', nou die toepasselijkheid kon ik er niet in ontdekken) wat het aantal te onthouden namen mi onnodig groot maakt.

Wat dit eigenlijk een bijzonder boek maakt is dat de VPM zoveel moeite doet de 'regels' van de goede misdaadroman op te stellen en Trapiello die regels vrijwel allemaal met voeten treedt. Ik citeer een aantal van die regels:
- De lezer en de detective moeten dezelfde kansen hebben om het probleem op te lossen. Dat is essentieel. (…). De schrijver moet geen andere trucjes en sluwheden gebruiken dan die de dader met de detective uithaalt.
- In een echte misdaadroman moeten geen liefdesaffaires voorkomen. Vrouwen, zoveel je maar wil, maar liefde, nee.
- De dader mag nooit de detective noch iemand van de politie zijn.
- De dader moet gevonden worden via deductie, niet per ongeluk, per toeval of door een spontane bekentenis van de dader.
- Er bestaat geen misdaadroman zonder lijk.
- Er mag maar 1 detective per roman zijn.
- Nooit en te nimmer, onder geen enkele voorwaarde, mag de schrijver de dader halen uit het huishoudelijk personeel, butlers, tuinlieden, huisknechten, chauffeurs, enzovoort.-
Om dezelfde reden waarom er maar een detective mag zijn, mag er ook slechts een dader zijn, zodat de lezer alle haat die er in hem opkomt op hem concentreert.
- Geen beschrijvende of poetische fragmenten en geen gedetailleerde sfeerbeschrijvingen.
- De oplossing van de zaak moet realistisch en wetenschappelijk zijn. In misdaadromans zijn wonderen uit den boze.
- Het is onvergeeflijk als dat wat in de loop van de hele roman als een moord wordt gepresenteerd, aan het eind een ongeluk of zelfmoord blijkt te zijn.
- Van kapitaal belang: het motief van het misdrijf moet persoonlijk zijn.
- Er mogen helemaal geen onbetamelijke trucjes worden toegepast. De schaamteloze schurk moet niet ontmaskerd worden door een sigarettenpeuk op de plaats van de misdaad, niet door valse vingerafdrukken, niet omdat de hond van het huis niet aansloeg, niet door een tweelingbroer, niet door het serum van de waarheid.
- Het goede is het goede en het kwade is het kwade; het goede mag onder geen beding het kwade worden, ook niet andersom, en de goeden mogen geen slechten worden en de slechten geen goeden.

Tot slot enkele citaten
'Hij had nog nooit met zijn eigen naam getekend. Wie kocht er nou een misdaadroman geschreven door iemand met de naam Francisco Cortes, die gescheiden was, een larmoyant leven leidde en in een huis woonde in de Calle Espartinas in Madrid?'

'Misdrijven zijn overal en in alle tijden ongeveer gelijk. Er wordt gemoord uit liefde, om geld of macht. Wat varieert is de wijze waarop de zaken worden opgelost.'

'Ik begrijp ook vrouwen in boeken niet zo goed. Daar kan ik moeilijk mee uit de voeten. In het leven hou ik juist zoveel van ze, maar in mijn boeken heb ik een hekel aan ze. Klassieke misdaadromans, zoals ik ze zie, zijn mannenzaken, net als ridderromans. Wie is Dulcinea? Niks, niemand, een schim, het verlangen van Don Quichot. Daarom houden vrouwen ook niet van de Quichot.'

'Voor een detective zijn alle misdrijven gelijk, zoals voor de hepatoloog alle levers gelijk zijn. Misdrijven zijn altijd heel democratisch. Zodra je wordt vermoord, ben je een lijk en als lijk is iedereen oke. Zolang je leeft moet je heel veel bewijzen. Maar als dode is zelfs de grootste stommeling oke.'

'Iedereen weet dat de politie zegt dat er geen Perfecte Misdaad bestaat, maar alleen incompetente, onachtzame detectives.'

'Maar op instigatie van Hanna kwamen ze zo'n reglement overeen dat meestal veel gunstiger uitpakt voor de een en de ander benadeelt: ieder was vrij om een verhouding aan te gaan als de gelegenheid zich voordeed en het uitkwam, als er maar niet samen met een ander geslapen werd in dat huis en logischerwijs niet in dat bed.'

'”In elke geval”, kwam Poe tussenbeide, “is het aantal onopgeloste moorden vandaag de dag even groot als tweehonderd jaar geleden. De vooruitgang van de wetenschap doet nauwelijks terzake als het gaat om perfectie.'

'Paco was rustig, mischien verbaasd te zien dat de realiteit weinig overeenkomst vertoonde met misdaadromans, tenminste met degene die hij geschreven had. Dit was zijn eerste les: het perspectief verandert ingrijpentd als je aan de kant van de wet staat of er recht tegenover, als de wet je beschouwt als onschuldig of als verdachrte, als je naast het vuurpeloton staat of aan de andere kant. En uiteraard maakt het niets uit of je denkt dat je onschuldig bent of schuldig.'

'…, maar de politie, die per slot van rekening bestond uit bureaucratieminnende ambtenaren, heeft nooit haast en houdt van omwegen, zoals delinquenten van de kortste weg.'

'Jullie weten dat mijn theorie is dat iemand veroordeeld en vrijgesproken kan worden op grond van zijn verleden, en niet zozeer om wat hij heeft gedaan in het heden.'

'…, de angst van de beulen. Dat zijn jouw woorden. En de angst van de slachtoffers, hoe moet je die dan noemen? Je moet kiezen tussen slachtoffers en beulen, niet tussen angsten.'

Oorspronkelijke titel: Los amigos del crimen perfecto (2003)
Vertaald uit het Spaans door Dorothea ter Horst

zondag 21 augustus 2005

Louise O. Fresco - De tuin van de sultan van Rome



Vanmiddag komt een vriendin van wie ik het volgende boekje leende, dus nu even enkele woorden.

Een dun boekje, uitgegeven als hardcover met een prachtig omslag. Dus ik begon nieuwsgierig te lezen. Het vertelt het nogal schokkende verhaal van de jonge ik-persoon die als illegale immigrant in Rome probeert te overleven. Hij is bij de boot (uit Afrika, vermoed ik, dat wordt niet duidelijk) opgepikt door een soortement slavendrijver, bij wie hij in een kamertje mag wonen, met drie andere (jonge) mannen, zeer waarschijnlijk ook illegalen. Ze moeten voor de baas allerlei klusjes opknappen, tegen vergoeding uiteraard. In de twee jaar dat de ik-persoon in Rome is, heeft hij op die manier een fortuin bijeen gespaard van maar liefst 40 euro! :-\

Alle gevaren die deze illegalen bedreigen komen langs: politie, angst voor andere groepen, de chantage en het verraad, honger, bedelen, leuren met rozen.

Wat betreft de titel: de ik-persoon gaat graag naar een nogal vervallen en smerig park: de tuin van de sultan van Rome. In de gewone parken raakt hij namelijk als moslimjongen in de war van de uitdagende vrouwen (hoertjes en 'gewone' parkbezoeksters). Op een nacht beleeft hij daar echter iets vreselijks waardoor zijn leven in Rome abrupt tot een eind komt.

In een bijna droge stijl schetst Fresco de verwondering van de jonge immigrant, waardoor je met je neus op de feiten gedrukt wordt zonder dat het overdramatisch is. Gisteren zag ik 'Rabbit-proof fence' waarin eenzelfde soort droge stijl wordt gebruikt. Heel indrukwekkend.

Het enige dat ik moeilijk te geloven vindt is dat een jongen van een jaar of 20 (want dat blijkt hij uiteindelijk ongeveer te moeten zijn) zo ontzettend onnozel blijft, ook na twee jaar in de grote stad.

donderdag 30 juni 2005

Philippe Claudel - Zonder mij



Pjoe, uit! Had Grijze zielen niet gelezen, dit was mijn kennismaking met Claudel. Gisterenavond begonnen en mezelf er net kunnen weerhouden van het meenemen naar bed. Ademloos, telefoon zojuist laten rinkelen, nee, _nu_ even niet!

In een situatie waarin je verdriet hebt, is elke lelijkheid een aanval op je toch al kapotte zenuwen. De ik-persoon zoekt natuurlijk in alles bevestiging van zijn voornemen. Ik vroeg me af of hij het zal redden na de aftuiging van zijn collega.

De irritatie over de moderne oppas die door een aantal van de boekgrrls werd gevoeld deel ik niet. Ieder krijgt de oppas die hij verdient :-) en iemand vinden die ook 's avonds en in het weekend als de ik-persoon dienst heeft kan komen is wel moeilijk dus hij zal allang blij zijn geweest dat hij haar had.

vrijdag 3 juni 2005

Anna Brouwer - Land van gebroken beloftes



Het boek is een verslag van ruim 450 pagina’s van een tweetal reizen door Rusland die de schrijfster maakte met de jongvolwassen dochter van een Russische vluchteling die zich in Nederland vestigde. In die reizen krijg je een vergezicht voorgeschoteld op de geschiedenis van Rusland van de 20e eeuw, op het Russisch landschap en de Russische maatschappij van nu. Fascinerend!

In een heldere, gedetailleerde (maar zelden onnodig uitgesponnen) stijl beschrijft Anna Brouwer om en om de gesprekken met de familie van Polina (Polja voor intimi) die ze tijdens de eerste reis bezochten (de hoofdstukken heten dan ook veelal naar mensen) en de treinreis dwars door Siberiƫ die ze de tweede keer samen maken (die hoofstukken heten in zowel Russisch als Nederlands naar de vertrek en aankomstplaats van de etappe).

De familiegeschiedenissen uit de eerste reis opgetekend volgen de vrouwelijke lijn: de overgrootmoeder Olga (bijna 100 jaar oud!), die de Russische revolutie meemaakte, de grootmoeder Tamara, een overtuigd communiste (Stalinistische periode), de moeder Lara, die de periode van glasnost en perestroika van Gorbatsjov benutte om stinkend rijk te worden en als gevolg van bedreigingen door de Russische maffia besloot naar Nederland te vluchten en tot slot de dochter Polina die in Nederland opgroeit, vrij van de Russische zwaarmoedigheid. Hier is de duik in een eeuw Russische geschiedenis aan opgehangen. Deze duik wordt verder uitgediept en onderbouwd met feitenmateriaal uit allerlei andere bronnen, waardoor je een redelijk goed beeld krijgt van wat er allemaal in Rusland is gebeurd de afgelopen eeuw.

Polina wil Anna graag het Rusland zoals zij het zich kan herinneren, waar zij als kind gelukkig is geweest, laten beleven, vandaar de tweede reis: van Moskou naar het Bajkalmeer. Tijdens die treinreis dwars door Siberie wordt Polina echter steeds geconfronteerd met het feit dat het Rusland van nu niet spoort met het Rusland uit haar herinneringen en met de verbazing, nee, verbijstering van de schrijfster die zich haast niet kan voorstellen dat een volk zich zo laat leven/leeft, zo corrupt is (en dat gewoon vindt!) en zo verschrikkelijk zuipt. Maar ook de keerzijde: de superhartelijkheid van de Russen die aan de twee vrouwen die ze nog maar net ontmoet hebben zomaar onderdak verlenen en zelfs hun enige bed aan hen afstaan, hen van alles laten zien. En daarnaast het ongeloof van de Russen over de verhalen over Nederland: het kan simpelweg niet zo zijn dat er een land bestaat waar je niet tig jaar op een appartement moet wachten, of uren op brood (tenzij je connecties hebt natuurlijk).

Ter illustratie van beide verhaallijnen een aantal fragmenten:
p.51: Over de alomtegenwoordige corruptie:
(Anna en Polja willen naar het mausoleum van Lenin maar er staat een lange, lange rij. Polja weet wel hoe ze kan ritselen zodat zij niet hoeven te wachten): Deze soldaat blijkt het Engels machtig te zijn. You go – you put the money in bag – I check bag – nobody see,’ zegt hij. We lopen een eindje samen op. Hij wroet in Polina’s handtas, goochelt een biljet in zijn mouw en kijkt nijdig. 'This only ten dollars, not twenty’. ' Take it or leave it’ zegt Polina. 'Tien is meer dan genoeg. Zie ik er soms uit als een halvegare Amerikaan?’ De soldaat draait zich om en draagt zijn verlies als een man. 'Deze vrouwen moeten begeleid worden,’ roept hij naar zijn kameraden en wenkt dat we hem moeten volgen. We marcheren met z’n drieen naar de ingang van het mausoleum. 'Vertel over Amsterdam,’ commandeert hij. 'Het is daar zeker onleefbaar met al die misdaad en die drugs’.”

p. 86: (Anna en Polja zitten in de trein met twee mensen, [trouwens fantastische verhalen over het treinsysteem van Rusland, maar daar ga ik nu maar even niet op in] Volodja en Victoria): ‘Ik vraag Volodja hoe hij vroeger dacht over de communisten en hun heilsleer. Geloofde hij in de leugen? Hij wil het geen leugen noemen. 'Je werkt niet voor je individuele geluk. Daar ging het leven niet over. Je werkte voor de toekomst. Dat werd ons altijd gezegd en dat was ook de waarheid. "

p. 135: (over het einde van de Tsarentijd):
‘Daar was hun laatste gevangenis een villa die bekenstond als het Ipatjev Huis, of ook wel als het Huis met het Bijzondere Doel. Wat het bijzondere doel was is aan Nicolaas voorbijgegaan, hetgeen valt op te maken uit zijn dagboekaantekeningen (...) Eind mei, drie weken voor de fatale datum schrijft hij: De contacten met de buitenwereld zijn onlangs gewijzigd. Onze gevangenbewaarders proberen ont te ontwijken en praten niet meer met ons. (...) Onbegrijpelijk!’ Maar de werkelijke reden voor de gedragsverandering van de bewakers is tot niemand van het gezin doorgedrongen.”

p. 181: (over het systeem, waardoor angst diep wortelde in de Rus):
‘Lara’s verklaring klonk nogal religieus. 'In mijn jeugd was elk mens schuldig, alleen al omdat hij geboren was. Want elk kind dat geboren werd, was een mond om te voeden. Het systeem zorgde ervoor dat er net niet genoeg voedsel was, zodat de mensen van elkaar moesten stelen om in leven te blijven. Iedereen voelde zich schuldig en iedereen was ook schuldig.’ Ze zuchtte. 'Maar in mijn leven is het rare dat mijn moeder haar hele leven nooit iets gestolen heeft. En dat is gewoon gek. Ik zou mijn moeder moeten beschuldigen van het feit dat ze niet gestolen heeft toen ze de gelegenheid had. Want ze had mij veel meer kunnen geven. Maar mijn moeder weigerde te stelen, uit principe. Zijzelf was namelijk opgevoed in de tijd van Stalin. Zij was de perfecte vrouw voor het communistische systeem.”

Dit krijgt een vervolg op p. 190: ‘Hoe geraffineerder je het systeem te pakken kon nemen, hoe trotser je was op jezelf. Maar je werd ook banger. De risico’s waren enorm.” [Lara verwijst hier naar de altijd op de loer liggende kans om te worden gedeporteerd, ES]

p. 190: over het drankgebruik van de Russen (Lara):
‘Waarom denk je dat de Russen zoveel drinken? Omdat ze al vier eeuwen bang zijn. Als mensen niet opgewassen zijn tegen de angst kiezen ze de gemakkelijkste weg: alles vergeten.”

p. 262: over de wetenschap (Tamara)
‘Wij leefden voor het debat. Leraren en wetenschappers werden gezien als de ideologische voortrekkers. Een van de leuzen was ook: 'De Partij is het Intellect, de Trots en het Aangezicht van ons tijdperk’ (...) Maar als je een afwijkende mening had, gaven ze je gelegenheid die te uiten. Je kon natuurlijk geen meningen verkondigen die strijdig waren me de beginselen of voorschriften. Als je overdreef werd je naar de goelag gestuurd, of erger. (...) Het was een sinistere paradox. Er waren altijd en overal debatten en disputen en dat was ook heel goed. Maar tegelijkertijd was je doodsbang om de verkeerde dingen te zeggen.”

p. 264: de dood van Stalin, in 1953 (Tamara):
”Om halfzeven waren alle leerlingen op school. De directeur zette iedereen in de paradestand en daar stonden we, terwijl we bijna door de knieen gingen van verdriet. (...) Er is een einde gekomen aan het leven van onze grootste vriend en leraar, onze machtige vader, onze geliefde Stalin. We dachten echt dat het einde van de wereld nabij was.”

p. 311: over de Koude oorlog, 1956 (Anna):
"Voor mij is 1956 het jaar dat de wereld in tweeen werd gespleten. De tegenstellingen tussen de twee supermachten Amerika en de Sovjet-Unie waren daarvoor ook als onverzoenlijk, maar na de Hongaarse opstand nam de rivaliteit krankzinnige vormen aan. (...) Het arme Russische volk kon er niets aandoen. het bestond uit dode, want ongedoopte zielen en was verdoemd tot eeuwige duisternis. Wij, rooms-katholieke kinderen in het zuiden van Nederland vreesden de Russische beer meer dan de duivel zelf."

p. 365: over Irkoetsk:
"De mondaine uitstraling van de stad moest iedere vreemdeling wel verbazen, zo volkomen in tegenspraak als die was met het bestaande beeld van de verbanningsoorden in Siberie: sinistere godverlatenheid over de rand van de beschaving, 'de vrieshel waaruit geen terugekeer mogelijk is'. Maar de ironie is dat het juist de tsaar en zijn genadeloze regime zijn geweest die de opmaat hebben gegeven voor de tomeloze ontwikkeling van de stad." [Volgt een schitterend verhaal over verbannen opstandelingen die in Parijs waren geweest en het Parisienner wereldje wisten te kopieren in hun verbanningsoord.]

p. 383: over vergeten:
"In de krant stond een bericht dat de graafmachines [die bezig zijn het vliegveld van Irkoetsk uit te breiden met het oog op de verwachte/gehoopte toename vn het toerisme naar het Baikal-meer, ES] vorige week op een onbekend massagraf zijn gestoten. Ze vonden de overblijfselen van duizenden slachtoffers van de Goelag. 'Duizenden! Wat gebeurt darmee?' De mannen voorin hebben geen idee. 'Staat Irkoetsk op zijn kop? Wordt er een ceremonie gehouden? Komt er een gedenkteken?' Nee, niet dat ze weten. Ze hebben er nog niet over nagedacht. Niemand denkt daarover na. Die botten worden gewoon ergens anders begraven. Het is verdomme altijd hetzelfde. De Russen zijn blij als ze werk hebben en het hoofd boven water kunnen houden. Het liefst zouden ze als die geschiedenissen van vroeger doodzwijgen."

p. 386, bij het Baikalmeer, het einde van de trip door Siberie:
"Ik ben gelukkig' zegt Polja plechtig, samenzweerderig. 'Het is mooi en prachtig. Dit is onze beloning.'"

p. 400, evaluatie (Polja):
"Ik heb echt geen spijt van onze reis. Misschien lijkt dat soms zo, maar ik vind vertalen niet erg. Toen we net onderweg waren vond ik het juist interssant, als die verhalen van dit is hier zo slecht, en dat moet beter. Ik wilde dat jij precies wist wat er er werd gezegd, zodat je ons zou gaan begrijpen. Ik wilde je ook alles vertellen zoals ik het me herinnerde.' Maar, zegt ze, ze had zich gerealiseerd dat ze weinig hoogte kreeg van wat de mensen bezielde (...) Ik kon er niet genoeg van krijgen om naar de Russen te luisteren. Maar tegelijkertijd ergerden hun verhalen mij. Het was mijn eigen schuld, natuurlijk. Ik had nooit opgelet. Ik had altijd alles als vanzelfsprekend aangenomen. (...) [ik heb ook lang gedacht] dat Rusland na het communisme veranderd was. Maar dat is niet zo. De Russen waren vroeger net zo. Dat is het hem nou juist. Dat ik dat heel goed wist natuurlijk."

Al met al een boek over een interessant land, een interessante familie en nog op een onderhoudende manier geschreven ook: een aanbeveling! Soms herhaalt Anna zichzelf, dat is jammer, zo wordt tijdens een bepaald deel van de treinreis twee keer vlak achter elkaar gemeld dat ze Russische thee gaan drinken, met bessen erin en dat dat een bepaalde naam heeft (heb het niet aangestreept dus kan het nu natuurlijk niet meer terugvinden, dus kennelijk is het niet zo storend geweest dat ik het nodig vond een potlood te gaan zoeken). Het enige dat ik echt jammer vond is dat er wel een historisch feitenoverzicht achterin is opgenomen, maar nergens een kaartje. Ik heb tijdens het lezen regelmatig de atlas erbij gepakt. En dat leest niet zo lekker in bed....